Syriëstrijders in de media: Hoe worden ze geportretteerd?

Auteur: Anna Berbers, MSc.

Anna Berbers werkt als PhD kandidaat bij de afdeling communicatiewetenschap aan de KU Leuven. Zij doet onderzoek naar beeldvorming van moslims, identificatieprocessen en sociale netwerken in Nederland en Vlaanderen.

Syriëstrijders in de media: Hoe worden ze geportretteerd?

Na de onthoofdingen door IS, de aanslagen op het Joodse museum in Brussel en op Charlie Hebdo heeft de media-aandacht rond de zogenaamde Syriëstrijders een nieuw hoogtepunt bereikt. Vijf jaar geleden waren de belangrijkste partijen diverse groepen rebellen die streden tegen president Bashar al-Assad, maar inmiddels heeft IS een grotere rol heeft opgeëist. Tijd om balans op te maken: Hoe werd de rol van de Syriëstrijders in de nieuwsmedia in het begin van het conflict ingekaderd?

Mediaframes

Uit ons onderzoek blijkt dat er vijf manier van inkadering (ook wel media frames) gebruikt werden in Nederlandse en Vlaamse kranten. In Nederland waren dit De Volkskrant, NRC Handelsblad en De Telegraaf; in Vlaanderen De Morgen, De Standaard en Het Laatse Nieuws.

Het meest voorkomende frame was het terroristen-frame. Volgens deze redenering is de Syriëstrijder niet loyaal aan westerse waardes zoals democratie. In plaats daarvan verkiest hij of zij een Islamitische staat met bijbehorende Sharia-wetgeving. Dit vergroot volgens het frame de kans op een terroristische aanslag in Nederland of België.

Een ander veelvoorkomend frame komt tot uiting in het onderstaande citaat van de moeder van Brian de Mulder, een Belgische bekeerde Syriëstrijder:

“Een doodnormale tienerjongen met het hart op de juiste plaats. Tot hij in contact kwam met Sharia4Belgium. Een half jaar later sprak hij Arabisch, bad hij vijf keer per dag en noemde hij ons ‘hoeren die naar de hel’ gingen […] Ze hebben onze jongen gebrainwasht.” (Citaat van Rosanna Rodriguez van een artikel in Het Laatste Nieuws van 14 Maart 2013)

De moeder van Brian ziet haar zoon als een slachtoffer van de manipulatieve technieken van de extremistische organisatie Sharia4Belgium. Volgens dit frame selecteren ronselaars jongeren die emotionele problemen hebben en misbruiken de situatie om hen te isoleren van hun familie en vrienden. Het indoctrinatieproces is compleet als de jongere naar Syrië trekt en daar misbruikt wordt als kanonnenvoer.

Het terroristen- en het slachtoffer-frame kwamen het meest voor. Drie andere frames kwamen niet veel voor en schetsten de situatie minder negatief. In het martelaar-frame wordt de jongere beschreven als een held die vanuit religieuze overtuiging naar Syrië trekt om geloofsgenoten te helpen. Het Don Quichot-frame is vergelijkbaar. Volgens deze gedachtegang is de jongere ook een held, maar hij/zij vertrekt vanuit seculiere motivaties om de bevolking te steunen in gevecht tegen een dictator. Tenslotte presenteert het avonturiers-frame de strijders als naïeveling die een romantisch en onrealistisch beeld hebben van de strijd die de rebellen voeren. Zij vertrekken naar Syrië op zoek naar avontuur, maar keren teleurgesteld terug nadat ze geconfronteerd worden met de realiteit.

Bekeerde strijders

Even wat voorbeelden van Syriëstrijders die in de Belgische media geportreteerd zijn: Brian de Mulder is geboren in België en opgevoed in een christelijk gezin. Hij heeft zich pas later in zijn leven bekeerd tot de Islam. Jejoen Bontinck is een andere Vlaams geboren jongen die naar Syrië is getrokken. Zijn vader Dimitri Bontinck heeft net als de moeder van Brian via de media aandacht geprobeerd te krijgen voor zijn zoon. Dimitri is zelfs onder begeleiding van een journalist naar Syrië getrokken op zoek naar zijn zoon. Jejoen is inmiddels weer thuis, maar Brian zit nog in Syrië. Hij heeft het contact met zijn familie verbroken en heeft zelfs eind 2013 een filmpje uitgegeven op Youtube waarin hij dreigt met een bloedige aanslag in België.

Nieuwshype

Er was weinig verschil tussen de frames die werden gebruikt in Nederlandse en Vlaamse kranten, maar er was wel een verschil in focus. De Vlaamse berichtgeving focuste op de levens van Vlaamse Syriëstrijders zoals Brian en Jejoen. De artikelen gingen ook diep in op hun familie en hun leven voor hun vertrek naar Syrië. De Nederlandse pers schreef meer over de situatie in zijn geheel en gaf minder informatie over de persoonlijke levens van de strijders. Dit zou een verklaring kunnen zijn voor de grotere hoeveelheid artikelen die in Vlaamse kranten zijn verschenen –  twee keer zo veel artikelen als in Nederland. Tussen 1 maart 2012 en 31 oktober 2013 zijn er namelijk slechts 121 artikelen gepubliceerd in de Nederlandse kranten, tegenover 296 in de Vlaamse kranten. De focus op de levens van mensen zoals Brian en Jejoen heeft waarschijnlijk bijgedragen aan de blijvende interesse van het publiek en de ontwikkeling van een nieuwshype.

 

Copyright 2015, All rights reserved | gepubliceerd: 12-03-2015