Hier en daar: Transnationale activiteiten van vluchtelingen in Nederland

Auteur: Linda Bakker, MSc.

Linda Bakker, PhD kandidaat aan de Erasmus Universiteit Rotterdam en het Sociaal en Cultureel Planbureau

Wat is transnationalisme?

In het kort verstaan we onder ‘transnationalisme’ alle interacties tussen herkomst- en ontvangstlanden van internationale migranten (4). Dit zijn vaak financiële transacties, maar ook het onderhouden van sociale contacten, een lidmaatschap van een vereniging in het herkomstland en uitwisseling van (politieke) overtuigingen zijn transnationale activiteiten. Deze interacties kunnen op hun beurt weer leiden tot transnationale identiteiten (7). Onderzoek wijst uit dat arbeidsmigranten vaak sterke transnationale banden hebben. Ze sturen regelmatig geld of goederen terug en gaan op vakantie in het herkomstland. Ook blijkt uit onderzoek, in tegenstelling tot wat in publiek debat vaak wordt verondersteld, dat transnationaal gedrag integratie niet in de weg staat (8).

Vluchtelingen en transnationalisme

Voor vluchtelingengroepen is het ondernemen van transnationale activiteiten minder vanzelfsprekend. Allereerst omdat het migratie motief in eerste instantie niet werk gerelateerd is, maar voortkomt uit angst voor persoonlijke vervolging. De positie van vluchtelingen op de arbeidsmarkt is dan ook kwetsbaar, waardoor ze minder middelen hebben om geld of goederen naar huis te sturen. Ten tweede is de situatie in het land van herkomst vaak instabiel (door oorlog/conflict), hetgeen uitwisseling en contact bemoeilijkt. Bovendien maakt dit dat financiële ondersteuning een noodzakelijk karakter heeft, en dus niet altijd een investering is die iets kan opleveren in de toekomst.

Vanwege bovengenoemde redenen concentreren we ons in dit onderzoek op de vraag hoe transnationaal gedrag van specifiek vluchtelingen verklaard kan worden. We kijken hierbij naar de vier grootste vluchtelingengroepen in Nederland: Afghanen, Irakezen, Iraniërs, en Somaliërs. We gebruiken grootschalige surveydata uit 2009 waarin 1000 personen per genoemde groep zijn ondervraagd; totaal zijn dit dus 4000 vluchtelingen (3). In navolging van onderzoek onder andere migrantengroepen vinden we ook voor de vluchtelingengroepen dat de beschikking over middelen in het ontvangstland in de vorm van een baan, goede opleiding en gezondheid van groot belang zijn voor het ondernemen van transnationale activiteiten. Dit geldt zowel voor het terugsturen van geld en goederen, als voor het onderhouden van sociale contacten en het bezoeken van het herkomstland.

Situatie herkomstland en achterblijvers

Een opvallend resultaat is dat het percentage vluchtelingen dat geld of goederen naar huis stuurt het grootst is in de Somalische groep. Dit terwijl de sociaal-economische positie van Somaliërs in Nederland zwak is; minder dan een derde heeft een betaalde baan. Financiële ondersteuning voor familie in het herkomstland komt het minst voor in de Iraanse groep, terwijl deze groep nu juist het beste scoort op sociaal-economische integratie. Een verklaring die wij hiervoor aanvoeren is dat niet alleen de beschikbare middelen van vluchtelingen in het ontvangende land van belang zijn voor transnationaal gedrag, maar juist ook de behoefte van de achterblijvers en de situatie in het herkomstland (2,5,6). Aangezien Somalië een land in conflict is (Global Peace Index) met een zeer lage welvaartstandaard (Human Development Index), is er sterke behoefte aan financiële ondersteuning voor o.a. voeding, kleding en medicijnen. Iran, daarentegen, is relatief welvarend waardoor de nood aan geld of goederen bij achterblijvers kleiner is. Deze verklaring strookt ook met de bevinding dat het aandeel transnationale sociale contacten het kleinst is in de Somalische groep en dat deze vorm van transnationaal gedrag het meest voorkomt bij Iraniërs. Door gebrek aan infrastructuur (o.a. telefoon en internet) en veiligheid in Somalië is het onderhouden van sociale contacten lastiger en is een bezoek aan Somalië eigenlijk onmogelijk.

We concluderen dat, bij uitstek voor vluchtelingen, transnationaal gedrag niet alleen afhangt van de beschikbare middelen van vluchtelingen in het ontvangstland, maar ook wordt beïnvloed door de situatie in het herkomstland en de behoeftes van de achterblijvers. In relatie tot integratie kan dit betekenen dat de ondersteuning van achterblijvers in het herkomstland een hogere prioriteit heeft dan investeren in eigen integratie in het ontvangstland.

————

Bron: Bakker, L., Engbersen, G. and Dagevos, J. In Exile and In Touch: Transnational Activities of Refugees in a Comparative Perspective. Forthcoming in Comparative Migration Studies.

Referenties:
1 Al-Ali, N., Black, R., & Koser, K. (2001). Refugees and transnationalism: the experience of Bosnians and Eritreans in Europe. Journal of Ethnic and Migration Studies, 27, 615-634.
2 Carling, J., Erdal, M.B., & Horst, C. (2012). How does conflict in migrants’ country of origin affect remittance-sending? Financial priorities and transnational obligations among Somali and Pakistani in Norway. International Migration Review, 46, 283-309.
3 Dourleijn, E. (2010). Survey Integratie Nieuwe Groepen 2009: verantwoording van de opzet van een survey onder Afghaanse, Iraanse, Iraakse, Somalische, (kort verblijvende) Poolse en Chinese Nederlanders en een autochtone Nederlandse vergelijkingsgroep. Den Haag: Sociaal en Cultureel Planbureau.
4 Glick Schiller, N., Basch, L., & Blanc-Szanton, C. (1992). Towards a Transnational Perspective on Migration. New York: New York Academy of Sciences.
5 Hagen-Zanker, J., & Siegel, M. (2007). The determinants of remittances: A review of the literature. Working paper, Maastricht, Maastricht Graduate School of Governance.
6 Lindley, A. (2008). Conflict-induced migration and remittances: exploring conceptual frameworks. Oxford: Refugee Studies Centre.
7 Portes, A., Haller, W., & Guarnizo, L.E. (2002). Transnational entrepeneurs: An alternative form of immigrant economic adaptation. American Sociological Review, 67, 278-298.
8 Snel, E., Engbersen, G., & Leerkes, A. (2006). Transnational involvement and social integration. Global Networks, 6, 285-308.
9 United Nations Report 2012 (Human Development Index) http://hdr.undp.org/en
10 Global Peace Index 2012: http://economicsandpeace.org/research/iep-indices-data/global-peace-index

Copyright 2014, All rights reserved | gepubliceerd: 05-06-2014