Is de toon in de media van invloed op de mening van het publiek

Auteur: Marijn van Klingeren, MSc.

Marijn van Klingeren is als onderzoeker aangesloten bij de Amsterdam School of Communication Research (ASCoR), waar zij promoveert op onderzoek naar de effecten van media op houdingen ten opzichte van immigratie en Europese integratie.

Is de toon in de media van invloed op de mening van het publiek?

Nederland is met ongeveer 1,9 miljoen allochtonen[i] in 2012 een van de belangrijkste immigratielanden van Europa.  Omdat het voor Nederland een relevant onderwerp is, wordt het Nederlandse publiek in hoge mate blootgesteld aan nieuws over immigratie, immigranten en integratie. Dat nieuwsmedia hoofdzakelijk een negatieve toon meegeven aan deze berichten is niets nieuws (zie onderstaande grafiek). De vraag is echter hoe deze informatie binnen komt en wat de effecten hiervan zijn op het publiek. Maken negatieve berichtgevingen Nederlanders ook echt negatiever over immigratie en gebeurt het tegenovergestelde wanneer er meer positieve nieuwsberichten zijn?

Percentage negatief (rood) en positief (groen) nieuws in Nederland van 2003 tot 2009

stats

Voor mijn proefschrift onderzocht ik hoe de aanwezigheid van immigratieberichtgevingen in het nieuws, en de toon van deze berichten, een invloed hebben op de houding van mensen ten aanzien van immigratie. Specifiek keek ik naar of mensen immigratie een belangrijk probleem vonden of juist niet. Ik gebruikte hiervoor data uit de Eurobarometer[iii] van 2003 tot 2009. De Eurobarometer heeft over deze periode namelijk ieder half jaar exact dezelfde vraag gesteld onder een representatieve steekproef van de autochtone Nederlandse bevolking. Hierdoor was het mogelijk te kijken naar of veranderingen in de media ook hun invloed hadden op het publiek. Daarnaast gebruikte ik hand-gecodeerde krantenartikelen (dat betekent dat mensen de stukjes lazen en hierover een vragenlijst invulden) over immigratie uit de zes maanden voordat mensen gevraagd werden een mening te geven over immigratie. Deze vragenlijst werd later gebruikt om een beeld te krijgen van de media in Nederland tijdens een bepaalde periode. Hiervoor werden mensen getraind om de artikelen systematisch te coderen. Deze zogenaamde codeurs lazen de artikelen en gaven aan of er negatief, positief, zowel negatief en positief, of neutraal over immigratie over immigranten werd gesproken in een bericht. Hieruit heb ik berekend hoeveel procent van de artikelen in die periode daadwerkelijk positief of negatief waren.

Ik onderzocht mijn vraag door deze mediagegevens te koppelen aan de houdingen van mensen ten opzichte van het immigratievraagstuk. De verwachting was dat door meer media-aandacht voor de immigratieproblematiek mensen geconfronteerd werden met het feit dat autochtone Nederlanders anders zijn dan immigranten. Dat hierdoor de culturele verschillen extra benadrukt werden en dat men daardoor immigratie als een groter probleem zou zien. Daarnaast verwachte ik dat negatieve berichtgeving ervoor zou zorgen dat men ook negatiever zou gaan denken over immigratie. Hierdoor zou men immigratie eerder als een probleem gaan zien. Daarnaast zou positieve berichtgeving juist kunnen zorgen voor een positievere houding.

In Nederland vond ik dat media-aandacht er inderdaad voor zorgde dat mensen immigratie als een groter probleem gaan zien. Ik vond dat positief nieuws de zorgen over immigratie onder Nederlands doet verminderen, terwijl negatief nieuws geen effect had. Waarschijnlijk komt dit doordat Nederlanders al zo gewend zijn aan negatieve berichtgeving over immigratie, dat positief nieuws opvalt en daardoor juist wel een effect heeft.

Betekent dit dat als de media maar positief blijven berichten dat niemand immigratie meer als een probleem ziet? Nee, zeker niet. Uit het onderzoek blijkt dat er slechts sprake is van een kleine verandering. Het is dan ook goed mogelijk dat niet iedereen even open staat of in dezelfde mate blootgesteld wordt aan deze positieve informatie. Daarnaast zal er, net als bij negatief nieuws, wellicht een verzadigingspunt zijn. Wanneer mensen gewend zijn aan positieve informatie zal dit minder opvallen, waardoor de effecten op ten duur weer afnemen.

 


[i] Data uit 2012, afkomstig uit het SCP Jaarrapport Integratie 2011. Den Haag: Sociaal en Cultureel Planbureau.

[ii] Deze dataverzameling maakt onderdeel uit van het NWO-conflict project (Grant Number: 432-08-130) en is tot stand gekomen door middel van samenwerking tussen medewerkers van de onderzoeksinstituten AISSR en ASCoR, beide verbonden aan de Universiteit van Amsterdam

[iii]  Zie de Eurobarometer website: http://ec.europa.eu/public_opinion/index_en.htm

copyright 2013 all rights reserved | gepubliceerd op 26 september 2013