“I want it that way”: 30 en nog steeds fan van the Backstreet Boys

Auteur: Simone Driessen, MA

Volwassen fans

Fans; we beschouwen ze vaak als een horde gillende tienermeiden wachtend op hun popidool. Toch zijn we allemaal wel fans van iets geweest. Maar wat als je op je dertigste nog steeds fan bent van een boyband? Ik interviewde 25 Nederlandse Backstreet Boys (BSB) fans, om te ontdekken waarom zij nog steeds zo’n sterke connectie met de band en hun muziek voelen.4.1

Een klassieke metafoor om uit te leggen wat een fan is, is die van de fan als stroper. Een fan geeft actief betekenis aan een mediaobject waar hij of zij een passie voor heeft. Fandom kan ook gebaseerd zijn op een sterke identificatie voelen met een bepaalde artiest, film of boek. Denk bijvoorbeeld aan fans die niet tevreden zijn met het einde van een verhaal, en daarom hun eigen ‘fanfictie’ schrijven. Of fans die hun idool imiteren qua kledingstijl.

Een fan heeft dus een bijzondere (emotionele) connectie met een artiest, film of boek. Die band kan op sommige momenten heel sterk zijn, maar op andere juist verslappen. Ouder worden, of een vaste baan krijgen zijn zulke momenten waarop een fandom verwacht wordt te verslappen. Maar wat als die passie niet minder wordt?

Vertrouwd

De Backstreet Boys-fans gebruiken de muziek van de band vooral als er behoefte is aan ‘iets vertrouwds’. De muziek van de BSB is er namelijk altijd voor ze geweest. Het hoort bij ze. Danielle (28), fan sinds 1997, legt dat als volgt uit:

 “Als je je rot voelt kan je er in terugtrekken, kan je er naar luisteren, kan je je er in mee laten voeren en dan voel je je weer beter […] Dan troosten ze me met een soort van met onzichtbare armen.”

4.2Deze gevoelens, medeleven en troost, ‘stropen’ de fans uit de muziek van de BSB. De band biedt iets vertrouwds: Hun muziek liet de fans voor het eerst verliefd worden en bezong die gevoelens in hun tienertijd. Nu schrijft de BSB bijvoorbeeld nummers over hun kinderen, omdat zij vader zijn geworden. En dat herkennen de volwassen fans dan weer, als ze bijvoorbeeld (al) moeder zijn.

Cynthia (30) vertelt over hoe de muziek haar hielp (en helpt) om te gaan met bepaalde situaties in haar leven. Nick Carter’s nummer voor zijn overleden zusje, hielp haar bij het verwerken van het verlies van een familielid;

“En dan zit je naar een YouTube-video te kijken en dan barst je ook bijna gewoon in tranen uit omdat je zo met ze meeleeft zeg maar […] dan kan je gewoon lekker mee janken… Of de afwas doen”.

Cynthia bedoelt het als grap, echter voor sommige fans is de muziek een achtergronddeuntje voor het schoonmaken geworden. De muziek is slechts nostalgie voor hen, een herinnering aan hun jeugd.

Het ‘Backstreet Army’

Het fandom is een hechte, wereldwijde gemeenschap, het ‘Backstreet Army’ (BA). Het ‘leger’ vindt steun in de muziek, maar geeft ook steun aan de band. Een van de BSB-4.3bodyguards, genaamd Q, overleed eind 2013. De fans kennen deze crewleden vaak ook, omdat ze er altijd bij zijn. Toen het Army haar verdriet wilde uiten over Q’s dood en aan de artiesten wilden laten zien dat ze meeleefden met dit verlies, werden er tijdens de laatste tour allerlei acties opgezet.

Voor het concert in Ahoy werd via Facebook gedeeld dat de fans witte ballonnen moesten meenemen om Q te herdenken. Tijdens het concert, waarin een nummer werd opgedragen aan hem, verschenen er inderdaad honderden witte ballonnen in de lucht. De band reageerde geëmotioneerd en bedankte de fans voor hun actie.

Eeuwig fan?

De connectie tussen fan en band is hechter geworden gedurende de twintig jaar die ze al samen zijn. Sommige fans zijn meegegroeid. Dat wordt mogelijk gemaakt doordat de BSB volwassenere nummers zijn gaan zingen. Daarnaast bieden bandleden nu meer mogelijkheden voor de fans om in contact te blijven. De bandleden zitten op Facebook en bieden meet & greets aan. En zo lang ze nieuwe muziek blijven maken, groeien band en fan samen verder.

 Referenties

  • Hills, M. (2013). Fan Cultures. London: Routledge.
  • Jenkins, H. (2012). Textual Poachers: Television Fans and Participatory Culture. New York; Abingdon: Routledge.

 Foto’s gemaakt door de auteur

Simone Driessen (driessen@eshcc.eur.nl) is docent en promovenda in Media en Communicatie aan de Erasmus Universiteit Rotterdam. In haar proefschrift onderzoekt ze waarom het ‘post-youth audience’ (zij die belangrijke levensveranderingen doorgaan, bijv. een fulltime baan krijgen of moeder worden) nog zo gehecht is aan muziek uit hun recente verleden.