Da’wa-activisme in Nederland, België en Duitsland: Roeien tegen de stroom in

Auteur: Pim Aarns, MA

Pim Aarns, MA doet aan de UvA onderzoek naar de beeldtaal en de ideologie in de online video’s van Sharia4Belgium. Hij deed in zijn master islamstudies al onderzoek naar islamitisch spektakelactivisme en schreef mee aan het rapport ‘Eilanden in een zee van ongeloof. Het verzet van activistische da’wa-netwerken in België, Nederland en Duitsland’. Dit artikel is daarop gebaseerd.

11 Februari werden er in Antwerpen forse gevangenisstraffen opgelegd aan 45 leden van Sharia4Belgium[1]. Ook in Nederland lopen rechtszaken tegen da’wa-activisten[2]. De Duitse overheid verbood soortgelijke organisaties enkele jaren geleden al. Sharia4Belgium gebruikt spektakelactivisme; een vorm van protest die niet alleen met inhoud, maar ook met audiovisuele en auditieve middelen sterke reacties van derden uitlokt. Door middel van spektakelactivisme maken de activisten een oppositioneel argument: ze uiten grieven en bezwaren – in zowel vorm als inhoud – tegen een bepaalde situatie. Ook organiseren ze mediagenieke spektakels (media events) en combineren hierbij in hun retoriek het verbale met het visuele, met als doel het leveren van kritiek en het produceren van controverse die de  media halen.

Eilanden in een zee van ongeloof

‘Eilanden in een zee van ongeloof’ is een citaat van een Duitse activist. Hij zag de momenten en plaatsen waar hij met zijn geloofsgenoten zijn religie kon beoefenen zoals zij dat wensten als ‘eilanden’ in ‘de zee van ongeloof’, zoals hij de Duitse samenleving zag. In het rapport wordt een ander onderzoeksperspectief dan gebruikelijk gehanteerd. Er wordt niet getracht uit te leggen hoe mensen zover komen dat ze geweld gaan plegen (veiligheids-, (de)radicaliserings- of terrorismeperspectief), maar de pijlen worden gericht op de vormen van activisme en verzet: counter-conduct. Hierbij keren activisten zich enerzijds tegen het beleid en debat met betrekking tot moslims en de islam, anderzijds proberen zij een alternatieve eigen ruimte te creëren en te beschermen waarin zij hun ideaalversie van de islam kunnen beleven. Daarnaast is dit onderzoek onderscheidend in de gebruikte methode: er is etnografisch onderzoek gedaan, waardoor het mogelijk was op te trekken met de activisten en daar vanuit te observeren.

Sharia4Belgium

Het activisme van Sharia4Belgium ontwikkelde zich in het spanningsveld tussen de activisten, de media-aandacht, het antiradicaliseringsbeleid en het optreden van politie en justitie. Sharia4Belgium gebruikte provocatie bewust als een middel om meer aandacht te krijgen. De activisten uitte zich strategisch zodat media er aandacht aan zouden besteden. Deze uitingen op zich waren al een boodschap.

Sharia4Belgium had een haat-liefdeverhouding met de media. Enerzijds wou het aandacht van de media, maar werd boos wanneer deze niet positief was (wat het meestal was). In de boze reactie werd de media dan vaak wel bedankt voor het ‘verspreiden van de boodschap’.

De relatie met de overheid en veiligheidsdiensten was minder liefdevol. Vanaf het ontstaan van de organisatie was er constant surveillance vanuit de overheid. Dit uitte zich onder meer in het aanhouden van leden voor verkeers- of identiteitscontroles, het offline halen van websites, het observeren van de groep tijdens openbare bijeenkomsten, maar ook in de privésfeer door huiszoekingen en het plaatsen van afluisterapparatuur. Ook vanuit de politiek kwamen er regelmatig geluiden naar buiten over het verbieden van de organisatie of zelfs het afnemen van de Belgische nationaliteit van de leden.

Sharia4Belgium kaartte kwesties aan met een breed draagvlak binnen verschillende lagen van de samenleving: wantrouwen tegen de overheid, islamofobie, de positie van religie en militant-politieke vormen van religie in het publieke domein, het idee dat vrijheid van meningsuiting voor moslims beperkt is, internationale militaire interventies, enzovoorts. De boodschap van de activisten werd echter vaak niet serieus genomen door buitenstaanders. De kritiek die de activisten leverden, leidde niet tot een serieuze reflectie op die kwesties. Wellicht mede doordat hun categorisering als ‘radicaal’ afleidde van de inhoud van de boodschap.

De tijd van da’wa is voorbij

Hoe meer de activisten publiekelijk bekend werden en in aanraking kwamen met veiligheidsdiensten, hoe moeilijker het werd om een eigen ruimte op te bouwen en in stand te houden. Verschillende kernleden werden gearresteerd en uiteindelijk werd de toenemende aandacht van zowel de media als de overheids- en politiediensten Sharia4Belgium te veel. Het hief zichzelf op. Enigszins gechargeerd zouden wij kunnen stellen dat Sharia4Belgium ten onder is gegaan aan zijn eigen succes.

De activisten roeiden lange tijd met de riemen die ze hadden, en tegen de stroom in, op zoek naar ‘eilanden in een zee van ongeloof’. Een aantal van hen heeft het eiland inmiddels gevonden in Syrië. Een belangrijke vraag die in vervolgonderzoek gesteld en beantwoord moet worden is of het spektakelactivisme een manier was om grieven te uiten, een islamitisch verantwoordelijke vrijetijdsbesteding en woede te kanaliseren, of een opmaat naar terrorisme?

Literatuur

M. de Koning, I. Roex, C. Becker en P. Aarns (2014), Eilanden in een zee van ongeloof – Het verzet van de activistische daʿwa in België, Nederland en Duitsland. Nijmegen / Amsterdam: Radboud Universiteit Nijmegen / Universiteit van Amsterdam, IMES Report Series.
Het rapport is te downloaden via: http://imes.uva.nl/news/content/2014/12/new-imes-report-on-islamic-dawa-networks-in-belgium-the-netherlands-and-germany.html

[1] Sharia4Belgium was tussen 2010 en 2012 actief in het publieke debat en had Antwerpen als thuisbasis. De groep kenmerkte zich door veel publieke optredens en was ook zeer actief op het internet. Het vonnis is hier te downloaden
[2] Da’wa: oproep of uitnodiging tot de islam

Copyright 2015, All rights reserved | gepubliceerd: 02-03-2015