Rekening houden met de tegenstander: Studies over hoe informatie van tegenstanders en voorstanders van protest het participatiebesluit van individuen beïnvloedt

Door: Marieke Born, MSc.

Marieke Born heeft Organisatiepsychologie (Universiteit Utrecht) en Bedrijfswetenschappen (Radboud Universiteit Nijmegen) gestudeerd. In januari 2010 is zij gestart met haar promotieonderzoek aan de Radboud Universiteit Nijmegen. Dit onderzoek heeft zich gericht op de rol van informatie bij het mobiliseren voor protest. Op 5 april 2016 zal zij op dit onderzoek promoveren. Sinds april 2014 is zij werkzaam in de publieke sector.  

Wel of niet meedoen?

Hoe maakt iemand een keuze om wél of níet mee te doen aan protestacties? Het maken van deze keuze is lastig vanwege de gevolgen van beide opties, maar ook omdat zowel tegen- als voorstanders druk zullen uitoefenen op het individu. De voorstanders zullen proberen het individu over te halen om wel mee te doen. Tegenstanders zullen echter proberen participatie van het individu te voorkomen. Een manier waarop dat gebeurt is het informeren van potentiële deelnemers aan protest. Het is dan aan het individu om op basis van deze informatie een besluit te nemen: wie volg ik?

Hoe individuen een besluit nemen over het participeren in protest wanneer zij tegelijkertijd geconfronteerd worden met informatie van zowel tegenstanders als voorstanders van protest is nog niet eerder onderzocht. Het doel van deze studie is om hier meer inzicht in te verschaffen. Daarbij zijn verschillende groepen in de omgeving van individuen en met tegenstrijdige belangen betrokken.

Stakingen

Dit onderzoek richt zich op deelname aan stakingen, een situatie waarin de beslissing om deel te nemen gekenmerkt wordt door een sterk gepolariseerde context: wanneer een staking dreigt, zal de vakbond (een voorstander van het protest en de mobiliserende actor) werknemers oproepen om mee te doen. Het management, daarentegen, zal juist willen dat er doorgewerkt wordt. Collega’s zijn vaak een diffuse groep met zowel tegen- als voorstanders. Deze verschillende groepen zullen een beroep doen op de individuele medewerker.

1280px-STaking_bbaDe consequenties van het niet volgen van één van deze groepen kunnen groot zijn. Stakers hebben nogal eens de neiging om collega’s die niet hebben meegedaan aan de staking te straffen. Dit kan bijvoorbeeld door het buitensluiten van doorwerkende collega’s tijdens de lunch of weigeren om nog met deze collega’s samen te werken na de staking. Maar ook doorwerkende werknemers zijn soms boos op hun stakende collega’s. Zij hebben immers tijdens de staking vaak het werk van hun stakende collega’s (deels) moeten overnemen. Daarnaast speelt de angst voor consequenties voor de relatie met het management en de reacties van het management: word ik gestraft voor mijn deelname aan de staking? Het is echter onmogelijk om alle partijen tevreden te houden en dat maakt de beslissing om wel of niet mee te doen ook zo lastig. Dan wordt het belangrijk om vooraf een inschatting te maken welke gevolgen deelname nu precies heeft. Deze consequenties worden ingeschat op basis van de informatie die het individu van beide kanten krijgt.

Wat geeft de doorslag?

Een belangrijke bevinding uit dit onderzoek is dat voor- en tegenstanders andere methoden moeten gebruiken om invloed uit te oefenen op potentiële deelnemers. Voor degene die oproepen tot een staking – de vakbond – is het geven van informatie een voldoende strategie om mensen over te halen om mee te doen. Tegenstanders moeten meer doen dan alleen informatie geven. Voor tegenstanders is het namelijk van belang dat zij als betrouwbaar gezien worden. Werknemers vragen zich in het geval van een staking af of de informatie die de tegenstander van protest geeft betrouwbaar is: vertelt het management de waarheid? Kan ik ervan op aan dat het management zich aan zijn belofte houdt?

Maar ook collega’s kunnen het besluit van andere werknemers beïnvloeden door gebruik te maken van persoonlijke relaties. Informatie van privé connecties creëert een sociale druk om hetzelfde te doen als groepsgenoten: een werknemer wil namelijk niet afwijken van wat zijn of haar naaste collega’s doen. Individuen zijn geneigd het gedrag van deze privé connecties te kopiëren, om represailles te voorkomen.

Een belangrijke conclusie is dat participeren en niet-participeren door verschillende mechanismen veroorzaakt worden. Privé-connecties tussen twee werknemers, veel meer dan werk gerelateerde relaties, maken de kans aanzienlijk groter dat deze beide werknemers mee doen aan de staking. Voor de vakbond is het belangrijk om informatie te verstekken. Met deze informatie kunnen werknemers overgehaald worden om mee te doen aan de staking. Voor degenen die besluiten om niet mee te doen, is vertrouwen cruciaal: hoe hoger het vertrouwen tussen twee werknemers, hoe groter de kans dat zij beiden afzien van participatie. Ook het management moet als betrouwbaar gezien worden, willen werknemers besluiten door te werken.

—–

Vragen? Interesse?

Voor meer informatie kunt u terecht bij Marieke Born (m.born@fm.ru.nl) of bij prof. dr. Agnes Akkerman (VU Amsterdam, agnes.akkerman@vu.nl).

 

Copyright 2016, all rights reserved | Gepubliceerd op: 31-03-2016