De Wereld achter de Groentefroetels
Auteur: Dr. Marijn van Klingeren

Dit stuk is geschreven door Marijn van Klingeren op basis van onderzoek door Simone de Droog. Simone is postdoctoraal onderzoeker bij de afdeling Communicatiewetenschap aan de Radboud Universiteit Nijmegen. Naast onderzoek naar hoe media ingezet kunnen worden om gezond eetgedrag bij kinderen te stimuleren, houdt zij zich bezig met de ontwikkeling van de Wereld van de Groentefroetels om zo haar onderzoeksbevindingen in de praktijk toe te kunnen passen.

De Wereld achter de Groentefroetels

froetels_2Ken jij ze al, de Groentefroetels? Het is een vrolijk clubje dierenvriendjes dat houdt van gezond voedsel. Ze beleven spannende avonturen waarbij het eten van groente of fruit ze helpt bij het oplossen van problemen door ze sneller, slimmer of sterker te maken. Deze vier vrolijke figuurtjes hebben ieder een eigen prentenboek die stuk voor stuk  bijdragen aan een positieve houding ten opzichte van groente en fruit bij jonge kinderen.

Het idee achter de Groentefroetels

Overgewicht bij kinderen komt steeds vaker voor, met alle gevolgen en ongemakken van dien. Overgewicht op jonge leeftijd (met name onder de 6 jaar) blijkt een goede voorspeller te zijn van overgewicht op latere leeftijd. Daarom is het van belang om al op jonge leeftijd te beginnen met het ontwikkelen van gezonde eetgewoontes, zoals het eten van groente en fruit.

Maar hoe ga je nu in tegen de machtige voedselmarketeers die veel geld stoppen om hun veelal ongezonde voedsel te slijten. Dr. Simone de Droog verzon hier iets op: de Groentefroetels. Vier figuurtjes die logisch gekoppeld zijn aan vier soorten groenten of fruit. Zo eet het konijn een wortel, de aap een banaan, de rups een appel en de schildpad een komkommer.

Interactief voorlezen en herhaling

De werking van de Groentefroetels is getoetst in klaslokalen waarbij kinderen werden voorgelezen. Hierbij werden kinderen uitgedaagd om mee te denken, doordat er tijdens het lezen vragen werden gesteld aan de kinderen over het verhaal. Het voordeel van interactief voorlezen is vooral dat kinderen het leuker vinden. Het roept positieve gevoelens op die aan het product gekoppeld worden. Daarnaast hebben we ook signalen gezien dat ze eerder het gedrag van de Groentefroetels gaan imiteren.

Imitatie werd ook gestimuleerd door kinderen een positieve band te laten vormen met de figuurtjes. Kinderen imiteren namelijk sneller mensen, kinderen en ook Froetels waar zij een band mee hebben opgebouwd. Deze band met de Froetels wordt niet alleen opgebouwd en gestimuleerd met de boekjes, maar ook met stickers, kleurplaten, knipplaatjes en dergelijken van de Groentefroetels.

Hoe helpt het kinderen gezonder te eten?

KonijnIn het onderzoek naar de werking van de Groentefroetels is slim gebruik gemaakt van ideeën uit de psychologie. Uit onderzoek van de Droog, Buijzen en Valkenburg bleek dat de effecten van de figuurtjes sterker zijn wanneer de dieren gekoppeld zijn aan voor de hand liggende groenten of fruit. Jonge kinderen vinden het namelijk leuker wanneer zij iets zien waar zij al bekend mee zijn en wat logisch in de oren klinkt. Daarnaast is het menselijk om dingen te doen die voor jou persoonlijk relevant zijn, waar je wat aan hebt. De Froetels worden slimmer en sterker van het eten van deze voeding. Kinderen willen deze ‘krachten’ ook en zullen daarom sneller geneigd zijn om te vragen naar een appel of wortel, omdat zij hier baat bij hebben.

Ten slotte is herhaling van belang, kinderen moeten soms aan de smaak van groente en fruit wennen. Daarom werd er in de klaslokalen iedere keer na het voorgelezen geproefd van de groenten, om deze gewenning te stimuleren.

Uit onderzoek is gebleken dat kinderen de Groentefroetels niet alleen leuk vinden maar ook sneller geneigd zijn tot gezondere voedingskeuzes door de Groentefroetels.

—-

Inmiddels zijn de Groentefroetels uitgegroeid van een theoretisch concept naar een waar imperium die verder reikt dan het klaslokaal. Meer weten? Kijk op www.groentefroetels.com of wordt lid van de facebookpagina https://www.facebook.com/Groentefroetels

Bronnen:

  • De Droog, S. M., Buijzen, M., & Valkenburg, P. M. (2012). Use a rabbit or a rhino to sell a carrot? The effect of character-product congruence on children’s liking of healthy foods. Journal of Health Communication, 17, 1068-1080.
  • Valkenburg, P. M. (2004). Children’s responses to the screen: A media psychological approach. Mahwah, NJ: Erlbaum.
  • De Droog, S. M., Buijzen, M., & Valkenburg, P. M. (2014). Enhancing children’s vegetable consumption using vegetable-promoting picture books: The impact of interactive shared reading and character-product congruence. Appetite, 73, 73-80.
  • Buijzen, M., Van Reijmersdal, E.A., & Owen, L.H. (2010). Introducing the PCMC model: An investigative framework for young people’s processing of commercial media content.Communication Theory, 20, 427-450.
  • Birch, L. L., & Marlin, D. W. (1982). I don’t like it; never tried it: effects of exposure on two-year-old children’s food preferences. Appetite, 3, 353–360.

Copyright 2014, All rights reserved | gepubliceerd: 17-07-2014