Is de homo-emancipatie in Nederland voltooid?

Auteur: Sonja Alferink, MSc.

Een jaar nu is Tanja Ineke voorzitter van homobelangenorganisatie COC. Ze vervult haar rol strijdbaar en met passie en heeft zich ontwikkeld tot kundig voorvechtster van homorechten in Nederland én daarbuiten. De aangewezen persoon om Versvak.nl bij te praten over de stand van zaken met betrekking tot de emancipatie van homoseksualiteit in Nederland. Tekst door Sonja Alferink. 

‘De emancipatie is voltooid’

‘De politieke homo-emancipatie in Nederland is voltooid.’ Dat zei oud-hoofdredacteur van de Gaykrant Henk Krol twee jaar geleden tegen de NOS. En inderdaad: vrouwelijke koppels hebben in Nederland niet zoveel meer te klagen, zou je zo denken. Ze kunnen samenwonen, trouwen en samen kinderen krijgen. Er is, kortom, veel bereikt de afgelopen decennia. Heeft een belangenvereniging voor lesbiennes, homo’s, bi’s en transgenders anno 2013 nog wel betekenis? Tanja Ineke reageert stellig: ‘Jazeker! Kijk, natuurlijk hebben we sinds de jaren ’60 veel rechten verworven. Daar moeten we ook blij mee zijn. Maar er is ook op het juridische vlak nog genoeg te bereiken. Voor transgenders bijvoorbeeld is er nog nauwelijks iets geregeld.

Bovendien is juridische gelijkstelling iets heel anders dan maatschappelijke acceptatie. En op dat laatste vlak zijn we nog lang niet waar we moeten zijn. Onderzoeken laten bijvoorbeeld zien dat lesbische en biseksuele vrouwen vaker eenzaam zijn en depressieve gevoelens hebben dan heteroseksuele vrouwen (onderzoek Stichting OndersteBoven, 2009, red.).  De helft van de schoolgaande jongeren neemt aanstoot aan zoenende jongens. En het zelfmoordcijfer onder transgenders is tien keer hoger dan bij de gemiddelde Nederlander.’

Discriminatie en intimidatie

Ook discriminatie van lesbische vrouwen en homoseksuele mannen komt volgens Ineke nog veel te vaak voor. Opvallend daarin is het verschil in discriminatie en intimidatie van mannen enerzijds en vrouwen anderzijds. Ineke: ‘Homo’s krijgen te maken met allerlei zichtbare vormen van afkeer, ook fysiek geweld. Bij vrouwen is het commentaar vaak meer verhuld, het is subtieler. Vaak zijn de reacties verbaal, bijvoorbeeld door mannen die het idee van twee vrouwen gewoon lekker vinden. ‘Zal ik je eens een beurt geven’, zeggen ze dan. Of: ‘mag ik meedoen’. Dat soort vormen van intimidatie lijken minder erg, omdat het minder tastbaar is dan een fysieke confrontatie. Alsof schelden geen pijn doet! Maar ook vrouwen krijgen helaas te maken met seksueel getint geweld. Kortom: hoewel we qua juridische gelijkstelling een heel eind op weg zijn, is de sociale emancipatie nog lang niet voltooid.’

Emancipatie 2.0: doe het zelf!

Ineke vindt niet dat de vervolgstappen op weg naar bredere maatschappelijke acceptatie een taak van het COC alléén kan zijn. In haar speech op de nieuwjaarsreceptie van de belangenorganisatie deed ze óók een beroep op de gay community zelf. Alle homo’s en lesbiennes, biseksuelen en transgenders zouden ook zelf hun steentje moeten bijdragen. De voorzitter doelt daarbij vooral op zichtbaarheid. Ineke: hoe meer zichtbaar je als minderheid bent, des te normaler je wordt in de perceptie van anderen. Als je tien keer twee vrouwen hand in hand hebt zien lopen, denk je de elfde keer: ‘oh, oké, prima’.

Is de homogemeenschap strijdbaar genoeg?

Is er in de loop van de jaren iets veranderd in de betrokkenheid van lesbiennes en homo’s bij de emancipatie van LHTB’s? Voelen jonge homo’s zich, passend in de geïndividualiseerde twintigste-eeuwse samenleving, minder met elkaar verbonden dan dat vroeger het geval was? Volgens Ineke valt dat wel mee. ‘Er zijn nog steeds grote groepen mensen die zich met grote betrokkenheid inzetten voor de roze gemeenschap. Maar misschien is er wel iets veranderd in de beleving van het solidariteitsgevoel. Vroeger streden we voor gelijke rechten, dat was een concreet doel. Vechten voor sociale acceptatie is veel abstracter, dat is een proces van lange adem.

Kwetsbare groepen: transgenders en biseksuelen

Kwetsbare groepen binnen de LHTB-gemeenschap, daar wil Tanja Ineke zich de komende jaren met het COC op toeleggen. Ze noemt als eerste transgenders en biseksuelen. Ineke: ‘Van het vorig jaar verschenen SCP-rapport over de (psychische) gezondheid van transgenders werd ik echt akelig (Worden wie je bent, het leven van transgenders in Nederland, Sociaal Cultureel Planbureau, 2012, red.). Het rapport bevestigt de soms ernstige problemen waarmee transgenders te maken krijgen. Voor die groep wil ik gaan vechten. De eerste juridische stappen zijn nu gelukkig gezet, maar op het gebied van sociale acceptatie is nog een lange weg te gaan. We hebben de overheid dan ook opgeroepen om met een masterplan transgenders te komen. Hun situatie moet echt worden verbeterd.’

Meervoudig ouderschap

Op de COC-agenda staat daarnaast ook het pleiten voor een onderzoek naar de mogelijkheden van meervoudig ouderschap. Kinderen worden vaak opgevoed door meerdere ouders: bijvoorbeeld door twee moeders en twee vaders. Maar volgens de huidige wetgeving kunnen maar twee mensen de juridische ouders van een kind zijn. Het COC wil kijken naar de mogelijkheden die er zijn om dit in de toekomst anders te regelen. ‘Daarnaast hebben we natuurlijk afgelopen september het roze stembusakkoord gesloten’, aldus Ineke. Daarin committeren -op de christelijke partijen na- alle grote partijen zich aan het gezamenlijke doel om een aantal slepende politieke kwesties aan te pakken. Issues zoals de weigerambtenaar. ‘We zullen daar de komende jaren bovenop blijven zitten. Aan het eind van mijn periode hoop ik dan te kunnen zeggen dat we een stapje dichterbij zijn gekomen bij een wereld waarin we verschillen juist waarderen.’

Een eerdere versie van dit artikel stond in Zij aan Zij magazine

 Sonja Alferink | Politicoloog, freelance journalist | www.sonjaalferink.nl | info@sonjaalferink.nl

 

copyright 2013 all rights reserved | gepubliceerd op 9 oktober 2013